Home / Fochteloërveen / Actueel /
Foerageergebied FochteloŽrveen in de verdrukking


De bescherming van overwinterende kol- en toendrarietganzen, kleine- en wilde zwanen in het FochteloŽrveen is onvoldoende. De ganzen en zwanen van Natura 2000 slapen in het natuurgebied, maar eten oogstresten en gras in het boerenland dat eraan grenst. Na het verlies van honderden hectares foerageergebied door de nieuwbouw Kloosterveen in Assen en een fietspad naar de Meesterswijk, wordt steeds meer foerageergebied ongeschikt door versnippering met (fiets)paden en (intensieve) verstoring.

Van de verschillende verstoringsbronnen heeft de luchtvaart op dit moment de grootste impact direct gevolgd door de recreatie. Het natuurgebied FochteloŽrveen wordt gebruikt om lawaai te bufferen, terwijl het een stiltegebied is. Onbegrijpelijk: een snelweg van internationaal vliegverkeer en de aanvliegroute op Eelde midden over het kwetsbare en uitstootgevoelige hoogveen! Kleine vliegtuigen draaien rondjes en vliegen heen en weer boven het wetland, zelfs ís avonds met verlichting boven slaapplaatsen. Er komen steeds vaker en meer luchtballonnen en helikopters die het natuur- of foerageergebied leeg jagen, terwijl het hoogveen is aangewezen als speciaal beschermd gebied onder de Vogelrichtlijn.

In het beheerplan FochteloŽrveen 2009-2015 is afgesproken het gebied aan te wijzen als no flight area om de verstoring terug te dringen. De eerste periode is bijna verlopen, maar het aantal verstoringen sterk toegenomen! Het effect van de verstoringen op kwalificerende vogels is lastig aan te tonen en krijg je alleen in beeld door jarenlang intensief veldonderzoek. De afgelopen zes winters tellen in het FochteloŽrveen laat een sterke toename zien van intensieve verstoring door helikopers (3 in 2007-2010 en 50 in 2011-2013) en een afname van 20% aan rietgansdagen.


10 oktober 2013. De verstoring door de luchtvaart wordt onderschat. Helikopters jagen gebieden vaak helemaal leeg en versterken het effect van andere verstoringen. Deze intensieve verstoring is een bedreiging voor de instandhoudingstoelen van het FochteloŽrveen en speelt mogelijk ook in andere wetlands.

 
13 november 2013. Afgelopen jaren zijn er geregeld legeroefeningen in het wetland. Deze langdurige verstoringen jagen alles op in een uniek reservaat. Dat past niet in een Vogelrichtlijngebied.

 
22 januari 2011. In de randzone zijn plassen gekomen o.a. om de vermesting door watervogels in het veen terug te dringen, een prima initiatief. Een wandelpad op een kade naast een rustplaats van kleine zwanen is daarentegen vragen om problemen. Nu worden de nekken gestrekt, maar als er meer wandelaars komen vertrekken de zwanen. Met een pad aan deze zijde van de kade en een raster kan het publiek worden gestuurd.

 
Wilde zwanen reageren alert, hier op maÔsstoppel in de winter 2013/14 bij Fochteloo. In de afgelopen winter zaten er weinig kleine- en wilde zwanen. Waarschijnlijk speelt ook hier versnippering en verstoring een rol.


Februari 2014. Toendrarietganzen uit SiberiŽ verdienen een betere bescherming. 10-15% van de wereldpopulatie komt hier een periode om bij te tanken.

Toename verstoring op foerageerplaatsen rondom het veen
Sinds 2001 in het FochteloŽrveen kraanvogels broeden, is de recreatiedruk toegenomen. Duizenden uren veldonderzoek geven een betrouwbaar beeld van de effecten van verstoring op kwalificerende ganzen en zwanen.

Rond het gebied zijn vele kilometers nieuw fietspad gekomen en verbindingen gemaakt met dorpen en zelfs de stad Assen. Als gevolg hiervan is de recreatiedruk enorm toegenomen en daarmee ook de verstoring door fietsers (vooral mountainbikers), wandelaars (vaak met loslopende honden), maar ook fotografen, personen met metaaldetector, eierzoekers etc. Boeren verjagen de ganzen op de foerageerplaats bewust of onbewust en de negatieve publiciteit doet de ganzen ook geen goed. Motorcrossers, jacht, vuurwerk en carbid schieten zijn periodiek van grote invloed en verdubbelen de verstoringsafstand. Er wordt steeds meer open gekapt en dat zorgt voor meer verstoring.

Mitigerende maatregelen blijven vaak uit en sommige afgesproken mitigerende maatregelen van projecten zijn niet uitgevoerd, bijvoorbeeld in de polder Ravenswoud waar beplanting zou komen langs de bosrand om de rust te beschermen, of het wandelpad achter de kade in het Compagnonsveld i.p.v. op de kade om verstoring te voorkomen van ganzen, zwanen en kraanvogels.


Februari 2014. Motorcrossers zorgen periodiek voor intensieve verstoring op de foerageerplaatsen die grenzen aan het beschermde wetland en verdubbelen de verstoringsafstand. Op de achtergrond polder Ravenswoud. Opslag of een raster tussen de bomen kan een deel van deze problemen al verminderen.

Van structurele aard is de verstoring door lawaaierige les- en sportvliegtuigen van Eelde die het FochteloŽrveen gebruiken voor onnodige vliegbewegingen. Ook vakantievluchten op de aan- en afvliegroute Eelde zorgen voor verstoring op foerageer- en slaapplaatsen. Helikopers jagen gebieden leeg en hebben een groot effect, ook al zitten ze op ďtoegestaneĒ hoogte (net als luchtballonnen). Na een intensieve verstoring vliegen ganzen sneller op, zijn ze onrustig of verlaten ze de foerageerplaats. Na meerdere dagen intensieve verstoring laten ganzen, zwanen en kraanvogels de pleisterplaats links liggen. Door helikopterverstoringen wordt elke andere bron van verstoring ook nog eens versterkt, anders gezegd: er ontstaat een cumulatief effect.


19 april 2013. Steeds vaker zijn er legeroefeningen. Helikopters en een Vogelrichtlijngebied gaan niet samen.

 
17 juli 2013. Lawaaierige lesvliegtuigen van Eelde vliegen heen en weer over een kwetsbaar stiltegebied en jagen geregeld groepen ganzen op.

Sterke toename intensieve verstoring door de luchtvaart
Al tientallen jaren volg en tel ik de rietganzen in en rond het FochteloŽrveen op de slaap- en foerageerplaatsen. In 2007-2014 is geregeld geteld op de foerageerplaats FochteloŽrveen als er winterganzen zijn. Geen maandelijkse tellingen, maar wekelijks en bij sterke aantalschommelingen zelfs dagelijks in september tot maart. Toendrarietganzen worden geteld op de foerageerplaats en ganzen met halsband worden afgelezen. Zo is een schat aan informatie verzameld over de rietganzen en het terreingebruik op de pleisterplaats FochteloŽrveen. Circa 10-15% van de wereldpopulatie verblijft hier een periode in de winter.

Het veen is een ideale slaapplaats met veel plassen die zijn ontstaan na het aanleggen van dammenstelsels. Nog steeds wordt het systeem verder geoptimaliseerd. Afgelopen najaar en winter zijn tientallen nieuwe plassen ontstaan in de randzone door de aanleg van kaden. De intensieve landbouw zorgt voor een gedekte tafel. In augustus en september zijn er geoogste graanpercelen, vervolgens maÔs, oogstresten van aardappelen, bieten en gras.

In 1993-2006 was de verstoring door de luchtvaart gering. Vanaf 2007 is deze intensieve verstoringsbron sterk toegenomen. Tijdens tellingen zijn daarom alle verstoringen sindsdien genoteerd. Van een verstoring is hier sprake als groepen ganzen opvliegen als gevolg van de verstoringsbron (grafiek 1). Hoewel de periode 2011-2013 een jaar korter is dan 2007-2010, is het aantal verstoringen opnieuw toegenomen. Deze toename is vooral te wijten aan helikopters die een steeds groter probleem vormen. Overigens is het werkelijke aantal verstoringen een stuk groter, omdat maar een klein deel van de week wordt geteld. Verstoringen van politie- en traumahelikopters zijn niet in de grafiek opgenomen, maar hebben hetzelfde effect.


Grafiek 1. Totaal aantal waargenomen verstoringen van vliegtuigen en helikopters tijdens ganzen-, zwanen- en kraanvogeltellingen in het FochteloŽrveen 2007-2013

Deze verstoringbron is waarschijnlijk ook de verklaring dat er tussen Smilde en Assen steeds minder vaak ganzen worden gezien. In combinatie met de reeds bestaande verstoringen ontstaat een cumulatief effect en mijden de ganzen hier een steeds groter gebied. Steeds meer foerageergebied wordt onbereikbaar.



Smilde 2013 en 2014. Een combinatie van steeds meer verschillende bronnen van kleine verstoringen zorgt voor een cumulatief effect waardoor het landbouwgebied aan de kant van Smilde steeds vaker wordt gemeden door ganzen.

Afname ganzendagen in het FochteloŽrveen
Maandelijkse tellingen geven een beeld van het aantal ganzen in een gebied maar met meerdere tellingen per maand wordt het beeld verfijnd. Het maximum is vaak maar even aanwezig. Jaarlijks zijn in het FochteloŽrveen gemiddeld 34 individuele ganzen met gemiddeld 4 aflezingen per gans.

Als je rietganzen goed bekijkt, zie je duidelijk verschillende typen toendrarietganzen uit verschillende regioís (van klein tot groot en met een verenkleed van chocoladebruin tot bijna zo licht als kleine rietgans). Sommige zitten jaren achtereen op exact dezelfde percelen en gebruiken slechts een deel van de pleisterplaats zolang er geen verstoring is. Zichtwaarnemingen in het veld geven een goed beeld van de impact van de verstoringsbron en dat komt ook in de cijfers naar voren.

Grafiek 2 geeft een overzicht van het gemiddeld aantal dagen per rietgans (met halsband). In 2008-2011 bleef een gans met halsband gemiddeld 17 dagen, in 2011-2014 nog maar 13 dagen, een afname van 26%.


Grafiek 2. Gemiddelde verblijfsduur in dagen per toendrarietgans in 2008-2014


Zes winters achtereen zijn ganzen geregeld geteld en ging aandacht uit naar rietganzen met een halsband, om een beeld te krijgen van de verblijfsduur in het wetland. In totaal is 824 keer een halsband afgelezen. Deze tellingen geven een goed beeld van de aantallen en verblijfsduur.

In grafiek 3 staat het totaal gemiddeld aantal ganzendagen van de rietgans FochteloŽrveen in 2008-2014. Hier is een afname te zien van 20%. De sterke toename van intensieve verstoring gaat samen met een afname van ganzendagen en verblijfsduur op de pleisterplaats.


Grafiek 3. Gemiddeld aantal (toendrariet) gansdagen per jaar FochteloŽrveen in 2008-2014

Rietganzen aantallen in de regio Drenthe
Rietganzen gebruiken vooral Noord-Nederland als pleisterplaats. Het FochteloŽrveen is een heel belangrijk gebied voor rietganzen. De eerste grote groepen rietganzen vliegen in september/oktober rechtstreeks naar het veengebied. Van daar waaieren ze uit over de omgeving.

In Drenthe worden maandelijks de rietganzen geteld met ganzen- en zwanentellingen van SOVON. De trend 1999-2014 lijkt op die van het FochteloŽrveen, maar let op: tot de laatste winters. Terwijl de aantallen in Drenthe doorgroeien, is in het FochteloŽrveen sprake van een sterke afname. De oorzaak is de intensieve verstoring door helikopters (luchtballonnen) en het cumulatieve effect ervan. Tijd om de belangrijkste bron van verstoring, de luchtvaart, tot de orde te roepen.


5 oktober 2012. FochteloŽrveld. Steeds meer en later in het jaar komen er luchtballonnen over het wetland met intensieve verstoring tot gevolg.

Kraanvogels foerageren in het veen en het boerenland
Kraanvogels foerageren in het veen, maar ook in het boerenland dat eraan grenst. In het veen zijn de omstandigheden verbeterd door de vernatting en is veel meer rustgebied gekomen. In het aangrenzende boerenland zoeken kraanvogels oogstresten op akkers en eten graag wormen op grasland. Paren met jongen gaan na enkele weken het veen uit om in de randzone naar eten te zoeken. Juist hier zijn afgelopen jaren vele kilometers fietspad aangelegd in open gebied of op hoge kades.

Als gevolg hiervan is de recreatiedruk toegenomen en daardoor ook de verstoring van kraanvogels. Deze belangrijke foerageer- en baltsgebieden verdienen meer aandacht. Her en der wordt de ondergroei bij bomen afgezaagd, terwijl dit juist dekking geeft. Steeds meer openheid zorgt voor onrust en verstoring en afname aan foerageergebied. Hetzelfde geldt voor paden in de bosrand op de overgang van landbouwgrond naar bos of veen.

Door paden in foerageergebied aan beide kanten te beplanten, of de ondergroei te laten staan tot 2 meter hoogte, wordt de verstoringsafstand verkleind tot gehalveerd. Nu de recreatiedruk en verstoring blijft toenemen, moet veel beter over de zonering worden nagedacht. Jaren achtereen zijn kraanvogels vaak tot dagelijks gevolgd, is exact bekend wat de gevolgen zijn van ingrepen en waar foerageergebieden zijn verlaten. Hierna een praktijkvoorbeeld dat de afgelopen jaren helaas te vaak wordt gezien: verstoring als gevolg van recreatie.

4 februari 2014. Drentse weg 16.02 uur. Een broedpaar kraanvogels staat rustig te foerageren. Er worden regenwormen gegeten. Ik sta op 350 meter afstand in de berm van de Drentse weg in Veenhuizen en er passeren in drie kwartier 7 fietsers. Voor de aanleg van dit fietspad kwamen hier nauwelijks fietsers. De toename komt door nieuwe bruggetjes over de vaart en een betonnen fietspad vanaf Veenhuizen.


16.32 Nu gaan enkele ruiters van de Drentse weg over het fietspad naar het bos. De kraanvogels houden ze in de gaten en lopen van ze af maar blijven. Passerende fietsers stoppen bijna allemaal om even te kijken en te genieten: kraanvogels! Eťn persoon neemt een paar fotoís en dat heeft geen effect. Kraanvogels beginnen met balts en lopen in paringsmars maar dan worden plots de nekken gestrekt.


16.44 De oorzaak is een man met hond in de bosrand. De kraanvogels alarmeren. In plaats van omkeren, loopt de man met hond door en jaagt de kraanvogels op die luid roepend richting veen gaan.

De grens is bereikt met verstoring tot gevolg. Mitigerende maatregelen zijn hier nodig om verstoring te verminderen. Het afsluiten van het wandelpad in de bosrand (of verplaatsen) en beplanting langs het betonnen fietspad is waarschijnlijk al voldoende. Kleine ingrepen maken vaak het verschil.

Een ander recent voorbeeld. Dit voorjaar staat er opeens een grote stoel op de rand van het grote veen, terwijl 400 meter verderop al een uitzichtpunt is. In het natuurgebied staan nu 3 uitkijktorens en 3 uitzichtpunten in 2014. Voor 2000 was er 1 uitzichtpunt bij de Brunstingerplas.

Er is veel gedaan voor het publiek maar het kan ook doorslaan. De sterk toegenomen recreatie wordt een bron van zorg op kwetsbare plekken rondom het gebied. Dat geldt o.a. voor de overgang van bos naar landbouwgrond maar ook van bos naar veen. De overgang bos naar veen is het broedgebied van raaf en nachtzwaluw. Doortrekkers als zeearend en slangenarend slapen er. Nog niet zo lang geleden was de situatie goed, nu lijkt alles opeens toegankelijk te moeten zijn, en te vaak ten koste van de natuur en bewoners. Mitigerende maatregelen blijven achterwege.


25 september 2011. Goed zoneren van de recreatie wordt belangrijker omdat de druk op het gebied blijft toenemen. Van alle kanten stroomt publiek het gebied in.

 
28 september 2013. Een kwetsbaar hoogveengebied stoomt vol met autoís en motoren. In plaats van autoluw komt er steeds meer (sluip)verkeer. Afsluiten en een fietspad van maken biedt recreant en natuur toekomst.

Oplossingen
Een aantal suggesties om verstoring in belangrijk foerageergebied terug te dringen en de instandhoudingsdoelstellingen voor het hele FochteloŽrveen te waarborgen:

  1. Luchtruim sluiten voor helikopters en luchtballonnen boven het wetland en de belangrijke foerageergebieden in een straal van minimaal 5 kilometer. 
  2. Luchtruim sluiten voor les- en sportvliegtuigen vanwege onnodige vliegbewegingen boven de slaapplaats FochteloŽrveen.
  3. Aan- en afvliegroutes Eelde verplaatsen: niet langer over de slaapplaats FochteloŽrveen.
  4. Geen nieuwe wandel- en fietspaden in het open foerageergebied dat grenst aan het wetland.
  5. Bestaande paden op de grens met het veen aan beplanten om de verstoringsafstand te verkleinen. Zonering aanpassen aan de recreatiedruk en waar nodig een pad verleggen of afsluiten.

Tot slot een voorbeeld.


Niet zo. Het verwijderen van opslag van bomen en ondergroei vergroot de verstoringsafstand omdat dekking verdwijnt en dat gaat ten koste van foerageergebied. Op de achtergrond polder Ravenswoud. Februari 2014.


Maar zo! Laat de opslag tussen de bomen staan en een groot deel van de verstoring door recreatie wordt voorkomen. Februari 2014 Helomaweg tussen Weperpolder en Kleine veen.



delen






contact
tags
Bureau De Kraanvogel
FochteloŽrveen 10
8428 RR Fochteloo
0516-588589
Het Waait
Twelloseweg 10a
7439 AS Steenenkamer
0570-618989